Wie Grote Verleiding zegt, zegt Alex van Hootegem. Samen met zijn vrouw Anneke stond hij aan de wieg van de biologische webwinkel. Maar het verhaal begint al eerder. In 1999 schakelde Alex over van gangbaar naar biologisch. "Het was het moment dat alles op z'n kop ging. Niets was meer vanzelfsprekend." Nu is hij de hofleverancier van de Grote Verleiding. "Van eigen erf, is bij mij ook echt van 'eigen' erf!"
Alex: "Ik werkte eerst in de maatschap bij mijn vader. We hadden een gangbaar akkerbouwbedrijf. Dat bedrijf zat slim in elkaar, al zeg ik het zelf. Heel efficiënt. We hadden bijvoorbeeld 1 trekker en daar deden we alles mee. Maar tegelijk was ook de uitdaging een beetje weg. Alles was uitontwikkeld, we waren bezig om de laatste details te vervolmaken. Mogelijkheden om het bedrijf levensvatbaar te houden zouden zijn vergroten of intensiveren. Maar aan allebei kleefden nadelen. Grond kopen is niet goedkoop, intensiveren is niet echt mijn hobby. Biologische landbouw, zou dat iets zijn?"
Ze onderzochten de mogelijkheden. Alex: "In 1999 zijn we omgeschakeld. We zagen volop mogelijkheden. Als ik er op terugkijk, zijn we echt in het diepe gesprongen. Het betekende andere gewassen, andere machines. Echt alles ging op z'n kop. Vanaf dat moment was niets meer vanzelfsprekend. Er kwam een einde aan de routine. En natuurlijk we hebben fouten gemaakt, maar ook heel veel geleerd. Als ik nu naar m'n bedrijf kijk, dan is het een hele mooie manier van boeren. Het is niet kant-en-klaar, het is geen receptidee, zoals in de gangbare landbouw. In de gangbare landbouw isoleer je een probleem en dan 'spuit je het kapot' met alle bijverschijnselen van dien. In de biologische landbouw werkt het niet zo. Daar sluit je veel meer aan bij de natuurlijke mechanismes. Waar ik vroeger door het gewas liep om te kijken hoe het er bij stond, zit ik nu op m'n kont tussen de planten. Dan zie je dat de natuur veel problemen gewoon zelf oplost. Ik ben nu veel meer bezig om de ideale omstandigheden te creëren dan om van alles en nog wat te bestrijden."
Bodem
Alex: "Het gaat om de juiste context. De bodem is daarbij van het allergrootste belang. Het komt allemaal 'van onder'. De bodem moet dus in optimale conditie zijn. Speciaal daarvoor worden onze machines aangestuurd door gps-satellieten. Rijden we steeds op de centimeter nauwkeurig over dezelfde rijpaden. We zetten dus hightechmiddelen in en gaan tegelijkertijd door met eeuwenoude landbouwtradities. Binnen die traditie werd er al jaren met de natuur meegewerkt. Je ging niet in december zaaien. Je zocht de meest gunstige 'stroom' op. Dat doen we nu weer, met meer en beter inzicht: we snappen het beter èn we snappen dat we nog maar heel weinig weten."
Hofleverancier
Je bent de 'hof'-leverancier van de Grote Verleiding. Wat lever je allemaal?
Alex: "Als er staat dat iets van eigen erf komt, dan komt het in mijn geval ook echt van ons eigen erf of uit onze eigen hof of akker. Toch lever ik niet zo heel veel aan de Grote Verleiding. We zijn een groot bedrijf van 165 hectare. Als ik sperziebonen ga oogsten, dan is dat in een keer 20 hectare. Die hoeveelheid kan ik met geen mogelijkheid via de Grote Verleiding kwijt, dat is gewoon veel te veel. Het meeste gaat naar een conservenfabriek en wordt daar als biologisch product verwerkt. Datzelfde gebeurt met de wortelen, knolselderij, spinazie en kroten. Onze aardappelen gaan via een verpakkingsbedrijf naar supermarkten waar ze het hele jaar door te koop zijn."
Werken in je vrije tijd
Wat doe je als je vrij bent? Alex: "Er is bij mij niet zoveel verschil tussen werken en vrije tijd. Je hebt als boer sowieso geen nine to five baan, maar het is ook gewoon hartstikke leuk om oplossingen en nieuwe dingen te verzinnen. Toch heb ik nog wel tijd om af en toe in een coverbandje lekkere stevige muziek te maken. Ik speel gitaar en zing in die band. We treden regelmatig op, laatst nog op de braderie in Kruiningen.
We kunnen een aantal dagen per jaar op vakantie, omdat we goede medewerkers hebben, waar we het bedrijf met een gerust hart bij kunnen achterlaten. En wat denk je, tijdens die vakanties heb ik altijd wel ergens contact met plaatselijke boeren. Het mooie is dat het overal ter wereld klikt met boeren. Je hoeft de taal niet te spreken, je snapt elkaar gewoon. Met handen en voeten, met halve zinnetjes in gebroken Engels, het maakt niet uit hoe. Boeren verstaan elkaar. Boeren gaat verder dan Kruiningen, boeren is mondiaal!